Als ik een trein zie
roep ik altijd
‘Leve de democratie! ‘

Lees verder op Toofisme.

In het ‘Observatorium‘ probeer ik naar de wereld te kijken vanuit het standpunt van een beroep.
Deze keer kijk ik naar de wereld met de ogen van een Directeur van het museum voor hedendaagse kunst.

“Als ik wil voelen
hoe het voelt
om kunstenaar te zijn
neem ik wel eens een leeg blikje Cola
deuk het onder mijn voet
en plaats het verminkte objet trouvé
in de witte ruimte van mijn museum
…”

lees verder op Toofisme.

tumblr_l81tq2faWc1qzaos7o1_400

Joseph Beuys, “Ausfegen (Sweeping Up)” (1972)

Kenneth Goldsmith over….

januari 27, 2014

uncreative writing, avant-garde, the poetry of archiving…. in dit filmpje.

Judd2600

Wat benijd ik toch die schilders, beeldhouwers en andere plastische kunstenaars, zucht de Amerikaanse schrijver Ben Lerner in een stukje op Frieze, want alleen zij hebben het voorrecht om iets echts en actueels te maken.  Als het op de ‘real thing’ aankomt moet de literatuur het afleggen tegen al die tactiele kunstvormen. De literatuur heeft dan weer het voordeel dat ze een object kan creeëren dat onmogelijk te realiserenis. Lerner neemt het voorbeeld van het schild van Achilles. De beschrijvingen zijn zo gedetailleerd dat het ondenkbaar is dat iemand een dergelijk object kan vervaardigen. Ander voorbeeld is John Keats’ ‘Ode on a Grecian Urn’ (1820), waarin een onmogelijke muziek beschreven wordt naar aanleiding van een plastische vorm. Interessant is Lerners opvatting over de roman als curatele vorm:

For me, at least at the moment, the novel, not the poem, is the privileged form for the kind of virtuality I’m describing. I think of the novel as a fundamentally curatorial form, as a genre that assimilates and arranges and dramatizes encounters with other genres: poetry, criticism and so on. (In my novel, Leaving the Atocha Station, 2011, for example, I incorporated passages from an academic essay I’d written about John Ashbery and a poem from my first book of poetry; the novel I’m working on now involves encounters with Donald Judd’s boxes in Marfa, Texas, as well as passages from a new ekphrastic poem engaging Jules Bastien-Lepage’s 1879 painting, Joan of Arc.)

Het artikel van Lerner op Frieze.
Bespreking van Lerners roman Leaving the Atocha Station op deReactor.

(illustratie: Donald Judd)

Hugo Claus op Toofisme

januari 26, 2014

‘In de cel’ van Hugo Claus op Toofisme

leeg-mb - clean

In dit korte VPRO-filmpje licht van Dixhoorn een tipje van zijn sluier op (een heel klein tipje).

Enkele fragmenten van De zon in de pan zijn op Samplekanon te lezen.

The Joycean Society

januari 24, 2014

joyce

Interessante beschouwing op Rekto:Verso over The Joycean Society een film van de Spaanse Dora García over  een leesgroep in Zürich die al dertig jaar over één boek gebogen zit: Finnegans Wake (1939) van James Joyce.

Zeventien jaar schreef Joyce aan Finnegans Wake – aan de Nederlandstalige vertaling uit 2002 werd zeven jaar gewerkt. De leesgroep in Zürich deed er elf jaar over om een eerste leescyclus af te ronden, leest het ‘book of books’ nu al voor de derde maal en is intussen dertig jaar bezig. Het zijn vooral de monnikengezichten van oude mannen die bijblijven, de warme sfeer tussen oude bekenden in het bibliotheekkamertje. De film van een klein uur is hoofdzakelijk opgebouwd als montage van een van de acht leesavonden die Dora García zelf bijwoonde in Zürich. De documentaire beelden tonen de discussie binnen de leesgroep, en natuurlijk de boeken zelf: platgelezen kopieën vol aantekeningen en losse bladeren, secundaire literatuur, uitgaven van de originele manuscripten en notities van Joyce. Beelden van het donderdagavondritueel worden afgewisseld met interviews met oprichter Fritz Senn en Joyce-kenner Geert Lernout, die García op het spoor zette van de leeskring in Zürich. We zien ook de besneeuwde grafsite van Joyce in Zürich met zijn standbeeld, dat peinzend lijkt mee te luisteren. De film werd tijdens de Biënnale van Venetië buiten circuit getoond als een video-installatie, waarbij zo’n kopie vol aantekeningen en bijschriften opengeslagen lag. Samen met de film, verscheen ook een publicatie waar letterlijk een hoek af is.

Lees het essay op Rekto;Verso.

728354

image22

‘L’étoile de mer’ (1928) is een surrealistische film van Man Ray naar een scenario van de Franse dichter Robert Desnos. Een gedurfde symboliek volgens deze recensent:

“In the modernist high tide of 1920s experimental filmmaking, L’Etoile de Mer is a perverse moment of grace, a demonstration that the cinema went farther in its great silent decade than most filmmakers today could ever imagine. Surrealist photographer Man Ray’s film collides words with images (the intertitles are from an otherwise lost work by poet Robert Desnos) to make us psychological witnesses, voyeurs of a kind, to a sexual encounter. A character picks up a woman who is selling newspapers. She undresses for him, but then he seems to leave her. Less interested in her than in the weight she uses to keep her newspapers from blowing away, the man lovingly explores the perceptions generated by her paperweight, a starfish in a glass tube. As the man looks at the starfish, we become aware through his gaze of metaphors for cinema, and for vision itself, in lyrical shots of distorted perception that imply hallucinatory, almost masturbatory sexuality.” (via Gorse)

(Meer over Desnos)

 

Warhol en Mapplethorpe. Maar er was ook nog een derde Amerikaanse kunstenaar die in de postmoderne jaren ’70-’80 uit het Katholieke vaatje tapte: Ed Ruscha. In 1975 maakte Ruscha een kortfilm met de alles en nietszeggende titel ‘Miracle’. Hoofdpersonage is – beetje bizar – een automonteur die een motor aan het repareren is. Hij draagt een met olie en vet besmeurde overal. Tijdens de film wordt die overal voortdurend smetteloos wit. Een automonteur als engel, waarom niet. Ruscha gaf in een interview aan dat hij gefascineerd is door religieuze iconen, de kruiswegstaties, rituelen, wierook en de gewaden van priesters. Even iconisch als de automonteur van Ruschka is de foto die Mapplethorpe maakte van zijn geliefde Patti Smith. Warhol maakte begin de jaren ’80 zelfportretten als dragqueen. Ik weet niet waarom maar ‘Self-portrait as a drag’ hoort voor mij in dit spirituele rijtje thuis.

Ed Ruscha, Miracle (1975)
Mapplethorpe, Patti Smith (1978)
Andy Warhol, Self-portrait as a drag (1981)

Miracle-Ruscha

Robert Mapplethorpe - Patti Smith 1978

warhol self portrait in drag

Begin jaren ’80: Warhol pakt uit met een serie afbeeldingen van kruisen in alle kleuren en composities. Hoewel een universeel symbool, weet Warhol er een moderne mysterieuze touch aan te geven. Hij is blijkbaar niet de enige die zich in dit religieuze oersymbool verdiept. Ook de Amerikaanse fotograaf Robert Mapplethorpe zet in dezelfde periode zijn Katholieke background in de verf. Mapplethorpe van wie we alles verwachten behalve diep religieuze gevoelens, graaft blijkbaar in dezelfde voedingsbodem als Warhol.
Er is nog een derde moderne Amerikaanse kunstenaar in het Katholieke bedje ziek. Morgen onthullen we zijn identiteit.

cross warholRobert+Mapplethorpe,+Black+Mirror+Cross,+1983
Warhol, Cross (1982)
Mapplethorpe, Black Mirror Cross (1983)

Andy Warhol #1

januari 20, 2014

Andy Warhol, het bulkt van de religieuze symbolen in het werk van deze praktiserende katholiek (hij ging elke dag naar de kerk). Als hij een thema als ‘geweld’ ‘aansnijdt’ slaagt hij er toch in om met drie messen de H. Drievuldigheid te suggereren. Warhol is geniaal. Wie zijn werk niet in het echt gezien heeft, heeft het niet gezien. Warhol is een schilder en geen zeefdrukker. Morgen meer over Andy.

andy-warhol1

©Andy Warhol, Knives

Mons, c’est formidable

januari 20, 2014

Vandaag twee uur in de rij gestaan voor de tentoonstelling ‘Life, death and beauty’ van de katholieke kunstenaar Andy Warhol. Verpletterend.
Daarna een broodje Chimay paté gegeten op de markt van Mons en doorgespoeld met een Maredsous. Hemels.
Toen we terug naar onze auto liepen zagen we licht branden in een kerk. De kerk zat vol met Afrikanen en Oost-Europeanen. Achter het altaar stonden zwarte en blanke priesters. Vive la diversité zei een priester.
Formidable.
Mons est potverdorie formidable.

1517646_10203201742145112_215676926_n

©Andy Warhol, Eggs.

W-O-L-K-E

januari 18, 2014

Zaterdag 25 januari brengen de kunstenaars van 2M3 korte performances in de coole lokatie van W-O-L-K-E. Ik zelf zal er ook zijn met een 5 minuten durende tekstprojectie.

Saterday 25 january from 19.00
Vaartstraat 45 rue du Canal – 1000 Brussels
Meer info

11th-side-vogel_caré

Kate Moss – Harold Pinter

januari 17, 2014

La Moss is 40 geworden. Collega’s en vrienden mochten haar voor één keertje een vraag stellen:

I know you like poetry… What is your favourite poem?

Kate Moss: I don’t know what its called, and it goes on and on and on, by Harold Pinter.

4b0c5d9604f7815518719ab551bb5fd4

Nietzsche kietelen

januari 16, 2014

1522234_10202512977373412_764234301_n

Met haar nieuwe voorstelling heeft Pascale Platel ‘la petite mort’ ingeruild voor ‘la petite pensée’. Probeerde ze in een vorige voorstelling nog tevergeefs hoogte te krijgen van het zinloze zwarte gat van het libido, met ‘Les petites pensées de Pascale’ fladdert ze vrolijk en vrij rond (en tegen) de hete lamp van de grote denkers uit het Westen.

Zo is ze op haar best: meisjesachtig slim. Gewiekst een poort openen in het denken. De grote vragen stellen vanuit kikvorsperspectief. Nietzsche kietelen, Schopenhauer opvrijen, Wittgenstein paaien en Camus het bos insturen.

Ewig weiblich. Herlich!

Les petites pensées de Pascale.

Will Self

januari 15, 2014

WillSelf_00

Bureau van de Britse schrijver Will Self. Foto: Philip Grey.

Van dezelfde fotograaf Philip Grey:

tumblr_livte4IAHS1qzci65o1_500

© Philip Grey – Debbie Harry, Blondie

 

Beeld je in dat je naast een landschapsschilder staat die zijn ezel heeft opgezet ergens in de vrije natuur. Je kijkt aandachtig toe hoe het landschap penseelstreek na penseelstreek ontstaat. Langzaam maar zeker verliest het origineel (het ‘echte landschap’) zijn betekenis. Zo lees ik de gedichten uit Liederen van een kapseizend paard van Els Moors, als de getuige van een picturaal work in progress. De logica van het coloriet met kleine retouches aan het eind.

 

vandaag neem ik de berg in
hij ligt in het aan-en uitgaand licht
aangestoken door de zon
onder hoge kolommen van voorbijziedende wolken

mijn kleren wapperen in de wind
lampen verdubbelen zich in het raam
een druppel rolt van het glas
en ruimt baan

voor andere
het vuur in de verte volgt
in gestrekte lijn
de horizon

de katrol rolt
de bamboe fluit
de vlaggendraad slaat tegen  de stok
ik bouw een kamp in de winter

en ga naakt in de voortuin liggen

het opslaande water kondigt
een over het hoofd geziene roeiboot aan
een landschap van witte vis
uitgestald op een zwart zeil

een voet op de grond

©Els Moors, Liederen van een kapseizend paard – Het Balanseer/Nieuw Amsterdam

sylvia Plath

“Her blonde hair was part of an attempt to to start over and adopt a new persona, following her first suicide attempt in August of 1953.

“Plath, who had spent six months in psychiatric care following the suicide attempt, had seemed to improve greatly by the the summer of 1954.

“This period of time has been lovingly referred to by her biographers as her “platinum summer.”

– 

via Retronaut

“In dit fascinerend cinematografisch en picturaal experiment wekt de Oostenrijkse regisseur Gustav Deutsch 13 iconische doeken van Edward Hopper tot leven. Hij vertelt er het verhaal van Shirley mee, een jonge vrouw die de kijker door ongeveer 40 jaar Amerikaanse geschiedenis loodst. Korte flitsen van radioberichten verschaffen de historische context (van de Grote Depressie tot het Kennedytijdperk en de burgerrechtenbeweging) terwijl de personages zich in angstwekkend accurate filmische reproducties van de beroemde schilderijen bewegen. Hopper haalde voor zijn belichting, onderwerpen en kadrering onder andere inspiratie uit film noir en verwees in doeken als ‘New York Movie’ en ‘Intermission’ rechtstreeks naar de cinema. Hij beïnvloedde op zijn beurt dan weer filmmakers als Alfred Hitchcock, Jim Jarmusch, Martin Scorsese en Wim Wenders. “(Filmfestival)

Herhaling

Ik wil het met u hebben over herhaling.
De verleiding is zo groot om in deze beschouwing
vorm en inhoud volmaakt te laten samenvallen.

Het is perfect mogelijk om
met één enkele oneliner
het mechanisme van de herhaling
te illustreren
te belichamen
zelfs.

Zo is het perfect mogelijk om
met één enkele oneliner
het mechanisme van de herhaling
te illustreren
desnoods
te belichamen.

Herhaling is het gedroomde kind
van de natuurwetten die
overal en altijd op de loer liggen.

Toch warmt
een fenomeen als ‘variatie’ zich al op
want
fenomenen willen botsen,
niet afstompen
door reproductie.
We zijn verdorie ver afgeweken van ons onderwerp

dat herhaling is.
Herhaling ontroert me.
Zoals eindeloosheid me angst aanjaagt
zo weet herhaling me te paaien.

Mensen zijn lui. Ik ook.
Altijd iets nieuws bovenhalen is moordend voor het uithoudingsvermogen.
Creëren is dodelijk.

Stop.

©Jan Pollet, Traktaten

%d bloggers liken dit: