Lindner over Oosterhoff en Thijs en Evert Rinsema

november 24, 2011

Volgens Erik Lindner wordt Tonnus Oosterhoff wat te veel geclaimd door ‘de literaire goegemeente, die paar lezers‘ waardoor de dichter niet echt kan doorbreken bij een iets breder publiek:

“Criticus Arie van den Berg bracht eerder Tonnus Oosterhoffs werk in verband met Jan Elburg. Ik moest hem na aarzelingen daarin toch gelijk geven. Er zit iets van de durf, de baldadigheid van de Vijftiger in Tonnus zijn werk en hij is ook daadwerkelijk voor hem van belang geweest. Arnoud van Adrichem kapittelde onlangs op De Reactor [] Van den Berg zijn bespreking in NRC van Leegte lacht, waarbij hij zich op het begrip ‘geëngageerde lectuur’ beroept. Het deed me denken aan de uitspraak ‘Taal is toch ook van de wereld’ van Paul Bogaert, in een publieksgesprek met Marc Kregting, die verhitte discussies over werkelijkheid en engagement prachtig relativeert. De reactie op de NRC verraadt weer het onhebbelijke (‘Afblijven! Tonnus is van ons!’), dat telkens weer de kop opsteekt. Bij een bijeenkomst tussen makers van literaire tijdschriften, een jaar of tien geleden, riep de dienstdoende redacteur van De Revisor dat Tonnus Oosterhoff alleen bij hun mocht publiceren, hij stond voor het soort poëzie dat zij brachten. Het pijnlijke was dat de redacteur van Tirade die naast hem zat in zijn eerdere functie van fondsredacteur bij De Bezige Bij Oosterhoff ooit had laten debuteren. Die zou dus geen gedichten meer van hem mogen afdrukken. Het is een dergelijk gekrioel als het Tonnus Oosterhoff betreft waar waarschijnlijk de dichter zelf claustrofobisch en allergisch van wordt, en dat ook een net wat breder publiek afkerig maakt, omdat het te intern, teveel voor de insiders is. Ze laten de dichter niet vrij om zelf tot het publiek te spreken.”

Lees de de bespreking van Oosterhoffs jongste bundel Leegte Lacht op De Groene Amsterdammer.

Lindner heeft het in diezelfde bespreking ook over de broeders Thijs en Evert Rinsema, het Friese schoenmakers-schildersduo. Over hun dadaïstische werken loopt nu een overzichtstentoonstelling (foto)  in Museum Dr8888.

One Response to “Lindner over Oosterhoff en Thijs en Evert Rinsema”


  1. Op het Vlaams-Nederlandse webplatform voor literaire kritiek De Reactor publiceerde ik onlangs een zogeheten ‘Laatste stelling’ over de hedendaagse poëziekritiek in de Nederlandse kranten en weekbladen. Aanleiding daarvoor was een nogal plichtmatige recensie van Arie van den Berg in NRC Handelsblad over ‘Leegte lacht’, de jongste poëziebundel van Tonnus Oosterhoff. Ik stelde dat recensenten als Van den Berg al te vaak komen aanzetten met cleane, strikt ‘literaire’ en daardoor vrijblijvende besprekingen die nog het meest weg hebben van consumentenadvies. Wat meer engagement, debat en vooral ook frisse lucht zou de poëziekritiek geen kwaad doen, zo betoogde ik. De strekking van mijn stuk kwam kennelijk niet goed over bij dichter en poëziecriticus Erik Lindner, die in het bovengenoemde artikel voor de website van De Groene Amsterdammer suggereert dat mijn reactie op Van den Bergs bespreking voortkomt uit ‘onhebbelijkheid’: ‘Afblijven! Tonnus is van ons!’ Het is mij echter niet te doen om Van den Berg, noch om Oosterhoff, maar om de status van de landelijke poëziekritiek.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: