Seamus Heaney: ‘The Blackbird of Glanmore’

augustus 9, 2011

In wat langzaam maar zeker een memorabele reeks aan het worden is, publiceert Johan Velter aflevering 58 van ‘de merel in de literatuur’. Ditmaal is Seamus Heaney aan de beurt met onder meer het laatste gedicht uit ‘District and Circle’ (2006):  ‘The Blackbird of Glanmore’.  Lees de verrassende beschouwingen en bekijk een filmpje van een voorlezende Heaney op het blog van Johan Velter:

“Seamus Heaney was de oudste zoon en de enige die kon studeren –zijn broers en zusters zijn in de landelijke omgeving blijven leven en oefenden het beroep van de voorvaderen uit. Christopher was zijn jongere broer die op vierjarige leeftijd door een auto overreden werd en stierf ten gevolge van het ongeval. Het gedicht ‘Mid-Term Break’ beschrijft deze gebeurtenis. Door Peter Nijmeijer werd dit vertaald als ‘Onverwacht vrij’ (Het eerste koninkrijk: een keuze uit de gedichten 1966-1996, Meulenhoff, 1996). Heaney beschrijft hoe hij de sterfkamer binnenkomt (hij, de enige die in de grote stad studeert), handen drukt van oude mannen, zijn vader die weent, zijn moeder boos zuchtend. De volgende morgen groet hij zijn broer: ‘Next morning I went up into the room. Snowdrops / And candles soothed the bedside; I saw him / For the first time in six weeks. Paler now, // Wearing a poppy bruise on his left temple, / He lay in the four foot box as in his cot. / No gaudy scars, the bumper knocked him clear. // A four foot box, a foot for every year.’

Glanmore is de woonplaats van de dichter. Hij komt thuis en in het gras ziet hij een merel, klaar om in de klimop te vluchten: ‘It’s you, blackbird, I love.’ Dan wordt hij stil en denkt aan regels vol dood die hij ooit vertaald heeft. Hier is de merel de dood. Hij herinnert zich hoe zijn jongere broer, Christopher, naar hem, de merel, toeging. En de woorden van een buurman die zei dat een verre vogel wekenlang op het dak zat, na het ongeval. ‘I said nothing at the time // But I never liked yon bird.’ Dan volgt een sequens waar dichter en merel dicht bij elkaar komen: de paniek van de merel is de paniek van Heaney zelf, beiden klaar om er voor elkaar te zijn. Heaney levert zich ook over aan de merel/de dood: hij heeft rust gevonden, een lichtvoetigheid. Maar de merel die de dood is, is voor Heaney ook zijn broer die in de merel verder leeft: Seamus is voor Christopher/de merel zijn antwoord, zijn zekerheid, zijn terugkeer, zijn gouden zijn. Dit is de aanvaarding van de dood, het natuurlijk verloop van een mensenleven. De troost van de merel.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: