Ulf Stolterfoht prijst de nieuwe Roemeense en Belgische poëzie

juli 17, 2011

Zoals Duitslands vooraanstaande dichter Ulf Stolterfoht, zijn woonplaats Berlijn beschrijft, krijg je meteen zin om je koffers te pakken:

“De huurprijzen zijn er nog relatief laag, je krijgt veel betaalde lezingen aangeboden, je hebt geen auto nodig en en is een netwerk van mensen die je helpen in tijden van ellende!  En er is geen ellebogenwerk voor carriëre, invloed of macht. Het milieu is heel solidair, echt.  Er zijn ook veel culturele uitwisselingsprogramma’s (bijvoorbeeld het prachtige DAAD-programma), waarbij je dichters van over de hele wereld ontmoet – dat helpt je vooruit.  Je hoeft geen dwerg te blijven. En het gaat hard.  Lezingen, lezingen, lezingen.  Veel, veel jongen en zeer jonge dichters.  En je merkt meteen hoe goed ze zijn. Maar het is leren, niet vechten. Ik denk dat het mogelijk is dat Berlijn je iets beter maakt als dichter. Dat zegt genoeg.”

“(…) de zuivere avant-garde is voorbij en poëzie als statement (of boodschap in een fles) is ook voorbij. Daar heb ik geen problemen mee. Ik heb er echt geen idee van welke lyrische formen deze leemte zullen opvullen, echt geen idee. Wat ik weet is dat Groot-Brittiannië nog maar eens een stap voor is. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de gedichten van Sean Bonney of Keston Sutherland, alsook twee generaties eerder, naar het werk van J.H. Prynne of Tom Raworth, dan zul je aantreffen waar ik meestal van droom.  En het is precies hetzelfde met de VS – neem nu de Waldrops, of de verwezenlijkingen van de LANGUAGE-groep of, of, of. ”

“Vooral in Oostenrijk is er nog een zeer levendige experimentele scene, maar het lijkt te stoppen met schrijvers van mijn generatie. Geen jongelui!  Heel goede poëzie komt van Roemenië en België. Maar het is niet experimenteel in de klassieke zin.  Misschien zijn dit de eerste tekenen van de verandering.”

Lees het interessante interview met één van de vooraanstaande dichters in Duitsland Ulf Stolterfoht op 3:am.

Lees ook vier gedichten van Stolterfoht.

Stolterfoht was tevens één van de 12 dichters die met zijn gedicht ‘Babel’ een bonte en veelstemmige ode aan de poëzie van de grootstad bracht tijdens Vers Brussel.

In nY#9 verscheen een lezing van vier ‘fachsprache’-gedichten door Matthijs de Ridder: “Maar wat nu als je dicht in een taal die je niet beheerst? Wat nu als je dicht in een taal die je slechts kent uit woordenboeken? Dat is precies wat de Duitse dichter Ulf Stolterfoht doet in een aantal gedichten uit fachsprachen X–XVIII (2002). De fachsprachen vormen een doorlopende reeks gedichten die letterlijk zijn opgebouwd uit (vak)jargon. In de XIIIde reeks bestaat het jargon uit een serie vreemde talen die de dichter niet, of slechts zeer minimaal machtig is. De woorden die Stolterfoht gebruikt, hebben voor hem dus weinig betekenis, of in ieder geval hebben ze niet noodzakelijkerwijs de betekenis die de dichter eraan geeft. Een zuiverder vorm van woordkunst is haast niet denkbaar. Stolterfohts aanpak belooft in ieder geval een van alle ‘doctorale geest’ gevrijwaard spel met woorden.”
(het nummer kan nog besteld worden via http://ny-web.be/about/nl/#bestellen)

(…)

for the first time voice prints will be taken, the
rules seem watertight, yet braille will rescue
the words. so efficiently sublime: the normmakers
should not feel all was in vain.

Uit: DIN 2330: concepts and designations general principles

4 Responses to “Ulf Stolterfoht prijst de nieuwe Roemeense en Belgische poëzie”

  1. Martijn Benders Says:

    Waarom bevat dit korte stukje twee keer de mening ‘vooraanstaande dichter’? Wiens mening is dat? Ik vind Stolterforht een retesaaie formalist, bijvoorbeeld, een wauwelend luchthoofd.

  2. jjpollet Says:

    “Ik vind”

  3. nY Says:

    Niet te vergeten is ook de lezing van vier ‘fachsprache’-gedichten door Matthijs de Ridder in nY #9 (http://ny-web.be/hard-copy/apr-2011-9/).

    Eenvoudig te bestellen via http://ny-web.be/about/nl/#bestellen

    “Maar wat nu als je dicht in een taal die je niet beheerst? Wat nu als je dicht in een taal die je slechts kent uit woordenboeken? Dat is precies wat de Duitse dichter Ulf Stolterfoht doet in een aantal gedichten uit fachsprachen X–XVIII (2002). De fachsprachen vormen een doorlopende reeks gedichten die letterlijk zijn opgebouwd uit (vak)jargon. In de XIIIde reeks bestaat het jargon uit een serie vreemde talen die de dichter niet, of slechts zeer minimaal machtig is. De woorden die Stolterfoht gebruikt,
    hebben voor hem dus weinig betekenis, of in ieder geval hebben ze niet noodzakelijkerwijs de betekenis die de dichter eraan geeft. Een zuiverder vorm van woordkunst is haast niet denkbaar. Stolterfohts aanpak belooft in ieder geval een van alle ‘doctorale geest’ gevrijwaard spel met woorden.”

  4. Martijn Benders Says:

    Als mening heb ik er geen enkele moeite mee, uiteraard. Het staat iedereen vrij wie dan ook een vooraanstaand dichter te vinden. Ik vind echter dat soort formalistisch experimentalisme oerconservatief en typisch een fenomeen uit de jaren tachtig.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: