Beurskens grasduint (zie ook dit bericht) verder in het Nagelaten werk van Jeroen Mettes  :
“Van de pakweg 140 boekpagina’s die ik er inmiddels bij heb gelezen bevalt me slechts een enkele niet of minder. Zo begint hij zijn stuk over poëzie van Anna Enquist met een ironische beschrijving van de culturele status van de persoon Enquist. ‘Ik ben een beetje flauw,’ zegt hij dan, zonder het kennelijk meteen te kunnen laten, want: ‘Dit is in ieder geval een helder statement voor een bundelflap.’

‘Aan het werk, Mettes!’ denk ik dan. Hoewel hij natuurlijk gelijk heeft wanneer hij (elders) stelt dat er nogal wat om en buiten de poëzie is dat het lezen ervan beïnvloedt. (Onder meer ‘periteksten’, zoals Yves T’Sjoen ze noemt.) Om dat te laten zien analyseert hij van een bundel van Catharina Blaauwendraad alleen de flaptekst. Enkele dagen later noteert hij: ‘Ik heb wat kritiek gekregen op mijn non-recensie van Catharina Blaauwendraad, misschien niet helemaal onterecht.’ Hij bindt hier onnodig heel even in. Terwijl hij het nu zelf een keer niet zegt, zeg ik het maar voor hem: hij is toch geen recensent? Gelukkig trekt hij zich er vervolgens ook niet veel meer van aan.”

Beurskens begint deze derde aflevering met een citaat uit Tractatus Logico-suicidalis van Hermann Burger en eindigt met een citaat van Mettes zelf: ‘Het internet laat me weten dat ik gisteren de sterfdag van Ian Curtis heb gemist. Eén van de belangrijkste dagen op de zelfmoordkalender!’ (lees hier het volledige stuk)

Religions are poems. They concert
our daylight and dreaming mind, our
emotions, instinct, breath and native gesture

into the only whole thinking: poetry.

Bovenstaand fragment bevat de eerste regels uit het gedicht ‘Poetry and religion’ van de Australische dichter Les Murray die over hetzelfde thema ook essays heeft geschreven. ‘Poëzie en religie’ is tevens het thema van een symposium georganiseerd door de Wintertuin met als hoofdgast Les Murray. Neerlandicus en gepassioneerd katholiek Jos Joosten schreef voor dit symposium een essay met bovenstaand gedicht als inspiratiebron:

“In verschillende essays heeft hij het ideeëngoed uiteengezet waarmee ‘Poëzie en religie’ verstrengeld is. In Murray’s denken staat het woord poem niet – of beter gezegd: niet alleen – voor het gedicht, maar het moet (ook) gezien worden als andere term voor een Groot Systeem. In ‘Poems and Poesis’ uit 1986 spreekt hij over ‘the larger ‘poem’ of the religion or theoretical system itself. Marx’s great poem of compassionate action on behalf of the exploited. Freud’s poem of sexuality, death and the roots of action, with its rescension of ancient myths. The great evolving Jewish poem of God. The large post-war poem of the Third World, which has authors ranging from Mohandas Gandhi and Dr Evatt tot Gamal Abdel Nasser and Jomo Kenyatta. The balance of dream, reason, emotion, instinct, dance and presence in a religion, of course, is apt to be the closest to that in a poem.’ In een lezing uit dezelfde tijd, ‘Embodiment and Incarnation’, verduidelijkt hij dit nog: ‘Freud’s poem, Marx’s poem, the poem of the Enlightenment, Buddha’s poem, Jesus’s poem. Just as surely as the smaller poem-constructs of our private lives, the personal quasi-poems which may constitute our ‘image’ or ‘role’- the tough Australian bushie, the no-nonsense business executive – these larger poems make sense both to reason and the unconscious world of our fears, needs and aspirations’.
Murray’s concept van poem lijkt dus zeer vergelijkbaar met Lyotards grands récits, het aan het klassiek-modernisme toegeschreven concept van de Grote Verhalen, waaraan de postmoderne versplintering een einde gemaakt heeft.” “

Lees hier het volledige essay van Joosten.
Meer info over het symposium ‘Poëzie en religie’ op de site van de Wintertuin.
Meer essays en beschouwingen over Les Murray door o.a. Schaffer, Theo de Boer, The New York Times  staan verzameld in dit bericht.
Een vertaald gedicht Terrassculptuur van Les Murray is te lezen op de website van het nieuwe tijdschrift Terras.

Spinoza is hot! etc…

juni 15, 2011

T.S. Eliot (op de foto links) was redacteur bij Faber van 1925 tot aan zijn dood in 1965. In die periode bouwde hij een indrukwekkende fondslijst op. Maar hoe zag Eliots dagtaak op de uitgeverij er eigenlijk uit? Meer op het Faber blog.

*

“Amsterdam, 15 juni 1944

Weledelgestrenge Heer,

Eenigen tijd geleden zond ik de manuscripten van een paar novellen en een roman ter inzage aan den uitgever Meulenhoff te Amsterdam. De Heer Meulenhoff gaf genoemde stukken ter beoordeeling door aan den Heer D.A.M. Binnendijk. Dezer dagen bereikte mij het oordeel van den Heer Binnendijk, waarin eigenlijk tot uitdrukking werd gebracht, dat ik min of meer Uw proza had geplagieerd. – Het is iets waar ik, daar het natuurlijk nooit in mijn bedoeling heeft gelegen, ook nu niet van overtuigd ben, hoewel ik toe wil geven, dat in mijn werk het lezen van Uw boeken, die mij zeer troffen, sporen heeft nagelaten. (…)”  (brief van Hermans aan Bordewijk, via AB)

*

“Televisiemakers vormen de meest arrogante beroepsgroep die ik ken. Zij zullen je altijd laten voelen dat jij het moet beschouwen als een enorm voorrecht om onbezoldigd je tijd op te offeren om hun duur betaalde programma’s van enige inhoud te voorzien. En dat je een schrijver bent, pleit niet in je voordeel. Integendeel. Ze zijn als de dood voor literatuur. Voordat je het weet, zegt de schrijver live in de uitzending opeens een woord van meer dan drie lettergrepen. Dat zou desastreus zijn voor de kijkcijfers. ” (Pfeijffer op NRC)

*

“Zelf heb ik deze week weer eens ondervonden hoe bescheiden literatoren mogen zijn. Door de posting over Barbara van Dyck en de naschriften ontving dit weblog veel meer bezoekers dan meestal, als het over mijn stiel van literatuur gaat. Terecht en grappig, van de maatschappij weet ik niet meer dan elk ander. Ieder dan zijn eigen hobby’s?”  (Marc Kregting over de zaak-Barbara Van Dyck en Gertrude Starink)

*

Gedicht van Michel van de Waart op De Gids.

*

Erik de Smedt over de tentoonstelling van Erwin Wurm in het Middelheim.

*

Interview met Semprun in zijn Parijse appartement in 2010.

*

Spinoza is hot!

*

In the meantime in Alphaville: “het is niet zo makkelijk om in één en dezelfde tekst samen te zijn” (Els Van Campenhout op Vimeo)

%d bloggers liken dit: