“Tot voor kort had ik De koperen tuin bijna twee decennia lang niet herlezen. Dat is te wijten aan de vele spreekbeurten die ik heb moeten aanhoren toen ik eind jaren tachtig ambtshalve onderwijs verstrekte aan pubers. Zo kun je een grondige hekel krijgen aan een boek – ten onrechte. Altijd maar weer De koperen tuin, van generatie op generatie, want: evergreen. Je kunt als zestienjarige heel goed Stendhals Le Rouge et le Noir lezen, gegrepen raken door de machtsdrift van Julien Sorel en tegelijkertijd de passages over het jansenisme aan je voorbij laten gaan. Dat komt later wel eens, bij herlezing, als het ‘lezen voor de lijst’ verdampt is. Voor de meeste romans van Vestdijk geldt hetzelfde.” – lees Vullings’ ervaringen bij het herlezen van Vestdijk op Vrij Nederland.

Advertenties

“In het universum van Jens Christian Grøndahl heerst de melancholie, in klassiek-freudiaanse zin – daarmee incarneert hij ‘de Scandinavische ziel’. De personages die het bevolken, functioneren naar behoren in de samenleving, of toch tenminste in hun eigen leven, maar blijken toch te lijden. Ze lijden relatief, want het is geen strijd om te overleven, maar wel effectief. Ze ervaren een gebrek aan daadkracht, een onvermogen om repetitieve patronen te doorbreken. Hun lijden heeft vaak te maken met de ervaring van zinloosheid en willekeur. In De tijd die nodig is beseft Ingrid dat heel wat in haar verleden geen product is van haar vrije wil, maar gewoon gebeurde omdat het nu eenmaal mogelijk was op die bepaalde plaats op dat bepaalde moment. ” Alexander Van Caeneghem bespreekt de thematiek van trauma, herinnering en identiteit bij Jens Christian Grøndahlin in Streven

Ai Weiwei, de blogger

mei 23, 2011


“Ai Weiwei geldt als China’s Warhol. Hij heeft overal in Europa en Amerika geëxposeerd en zijn werk beslaat zowel film, fotografie, architectuur als installaties. In één van zijn tentoonstellingen is hij met een miljoen geschilderde zonnebloempitten aan de slag gegaan, in een ander werk gebruikte hij het puin van Qing tempelruïnes; in nog een ander werk liet hij een vaas uit de Han Dynasty aan diggelen vallen. Toen hij begon te bloggen in 2006 kon hij niet eens typen, maar snel werd hij een vlotte, elegante online schrijver, en het is duidelijk dat hij in het internet nieuwe mogelijkheden zag als toepassing binnen de conceptuele kunst. Hij was ook een Twitteraar en kon het niet nalaten om langs de neus weg te vermelden dat ook de quotes van de grote Mao uit 140 of minder karakters bestonden”

Lees de bespreking van de in boekvorm verschenen blogteksten van de Chinese kunstenaar die nog steeds gevangen wordt gehouden door de Chinese autoriteiten. (3:AM)

Ai Weiwei – So Sorry “Een vaas uit de Han dynasty laten vallen”, 1995, courtesy Haus der Kunst, München.

‘Het gedicht van Rilke [Archaischer Torso Apollos] toont de noodzaak aan van een heroriëntering van de in verwarring gebrachte moderne mensen,’ zegt Sloterdijk. Ook Rainer Maria Rilke was in verwarring geweest. In 1902 trok hij naar Parijs om een boek te schrijven over de beeldhouwer Auguste Rodin. Rilke twijfelde op dat moment aan zijn kunnen, hij geloofde niet meer in zijn roeping als dichter en wachtte melancholisch op inspiratie. ‘Travailler, toujours travailler!’: die raad kreeg hij van Rodin. En ook nog: geduld hebben en vaak naar de dierentuin gaan om te leren kijken. Van Rodin leerde Rilke zijn lyrische ik met zijn hinderlijke nukken en lamlendige luimen uit te bannen.
Sloterdijk zegt dat er nu een einde is gekomen aan de frivoliteit die de hedendaagse mens zo wereldvreemd heeft gemaakt.” – Lees het interview met Sloterdijk op Vrij Nederland.  (zie ook dit bericht)

Ook op Trouw verscheen een interview met de Duitse filosoof:  “De meeste filosofen schrijven over de filosofie van andere filosofen. Dat doe ik zeer weinig. Sinds ik schrijf, interesseert het me weinig tot niets wat andere filosofen doen. Ik zie het academisme in de filosofie als een vorm van decadentie. Ik communiceer met de situatie waarin we ons bevinden. Dat is filosofie: denken in situaties.”

[update]

In NRC schrijft Ger Groot:

‘De zin „Je moet je leven veranderen!” moet nu worden opgevat als refrein van een taal van het in-vorm-raken’, zo schrijft hij. ‘Hij behoort tot een nieuwe retorisch genre, het coachdiscours, de donderpreek in de kleedkamer tegen een team dat uit vorm is.’

Op briljante wijze herschrijft Sloterdijk zo de geschiedenis van de ethiek én de religie in de termen van de sport: de enige religie die vandaag de dag mondiaal nog onbetwist overeind lijkt te staan. Monniken worden atleten van de geest, goeroes de Beckenbauers van het spirituele. Alleen zij lijken nog te weten wat trainen werkelijk is: een eindeloze herhaling van dezelfde oefeningen waarin de novice stap voor stap een grotere volmaaktheid bereikt. Díé vorm van oefening, waarop tot voor kort de hele beschaving berustte, is in de rest van de samenleving in ongenade gevallen, zo stelt Sloterdijk met onvervalst conservatieve treurnis vast.”

Cia Rinne en Jota Castro maakten een reeks postkaarten voor de vierde Kakofonie-reeks van Broken Dimanche Press.

*

Het Guido Gezellegenootschap bestaat vijftig jaar. Wat is de plaats van Gezelle vandaag in de literatuurgeschiedenis, internationaal én in de Lage Landen. “Piet Coutternier, voormalig voorzitter van het genootschap, directeur van het Gezellecentrum en eerste spreker op het colloquium, is wat die plaats betreft niet al te hoopvol gestemd.” (Literatuurplein)

*

“In een van de interviews na het winnen van de Librisprijs zei Yves Petry dat hij schrijft om zich voort te planten in de hersenen van anderen. Die ambitie relativeert zijn vaderschap: ‘Het is niet de zin van mijn leven, in elk geval. Dat is alleen het schrijverschap. Het vaderschap heeft me vooral een levenslange kwetsbaarheid gegeven. Ik ben kwetsbaar in een lichaam dat niet het mijne is. Maar ik vind het ouderschap niet nodig om een volwaardig mens te zijn. Al denk ik nu wel beter te begrijpen waar het in zoveel mensenlevens om draait. De kinderen als ultieme zingever. Alles wordt eraan opgeofferd.’” – en meer family affairs op de website van Marc Kregting.

*

“Larry Eigner (1927-1996) tikte met rechterwijsvinger en -duim meer dan 3000 gedichten bij mekaar, die werkelijk prachtig zijn gebundeld in vier kloeke hardcover delen: The Collected Poems of Larry Eigner (Stanford University Press, 2010).” Ton van ’t Hof.

*

Over het Brussels licht met citaten van Kouwenaar en Mark Boog.

*

Vier eindes en een begin van Jan Baeke op Raster

*

Het wespensonnet van Ted van Lieshout

*

Michael Palmer reading

*

The second coming

*

Peter Sloterdijk: ‘Je moet je leven veranderen. Over antropotechniek.’ (Trouw)

*

Dylan wordt 70. Dit is de playlist van Alex RossIt’s not dark yet, but it’s getting there:

%d bloggers liken dit: