Uw vrienden Louis Paul Boon en Hugo Claus zagen het wel zitten om met u te bouwen.

Albert Bontridder:”Ik heb nooit in het project (een futuristisch schrijverspaviljoen, in 1966, red.) voor Hugo Claus geloofd, al bleef ik hem sympathiek vinden. Hij heeft me aardig bij de neus genomen. Bij zijn grote vierkantshoeve met strodak in Nukerke wou hij een schrijverskamer, maar hij vond er de middelen niet voor. Al bewees de prachtige restauratie van minstens één vleugel van de hoeve dat hij wel geld had. Ik denk dat hij nooit in dat schrijverspaviljoen heeft geloofd, al hield hij me aan de lijn (zie brief onder aan dit stuk). Net als Louis Paul Boon, die geloofde ook niet in mijn concept (1952). Hij wou gewoon een kotje in een groene zone neerzetten. Maar omdat dat eerst niet lukte, gaf hij mij de verantwoordelijkheid. Ten slotte heeft hij mijn ontwerp toch gebouwd, zonder vergunning, en er nog koterijen aan toegevoegd. Voor de villa van Marc Galle (1976) daarentegen was er te veel blind respect voor mijn werk, want hij had zelfs de kolos van een schoorsteen niet opgemerkt die ik midden in zijn woonkamer had getekend.”  – lees het interview uit 2006 met dichter-architect Albert Bontridder op BDW.   Bontridder kwam onlangs in het nieuws vanwege zijn vergeten 90-e verjaardig (zie dit bericht).

Advertenties

Wagner in de Met

april 30, 2011

De Paris Review is duidelijk: “This year the Metropolitan Opera is rolling out a new production of Wagner’s famed four-opera cycle The Ring of the Nibelung, and I’m here to tell you that whether or not you like opera, this is an experience that is not to be missed.” Lees het uitgebreide Wagner-stuk.

[Over  dit stuk op de Paris Review maakt Johan Herrenberg via facebook de volgende interessante opmerking: “Leuk stuk. Hoewel de schrijfster aan het slot de fout maakt te denken dat de Ring eindigt met het eind van de wereld. Dat is niet zo. Het Walhalla gaat op in vlammen. En de Rijn treedt buiten zijn oevers. Maar intussen schrijft Wagner in de regie-aanwijzing dat de mensen ernaar staan te kijken. De Ring eindigt dus volledig open.]

Paul Valéry in “Poésie et pensée abstraite”

“De grote schilder Degas herhaalde me (Paul Valéry) vaak  deze terechte en eenvoudige opmerking van Mallarmé. . . Op een dag zei hij tegen Mallarmé: ‘Jij hebt toch een vreselijk vak. Ik slaag er niet in om te zeggen wat ik wil, en toch loop ik over van ideeën. . .’  En Mallarmé antwoordde: ‘Mijn beste Degas, men maakt geen poëzie met ideeën maar met woorden.”

Bernlef over Poetry International 1978:

“Laat ik voorop stellen dat PI een unieke manifestatie is die beslist niet mag verdwijnen. Maar zo langzamerhand wreekt zich de weinig doordachte manier waarop het festival wordt opgezet. Wanneer je de jaarlijks uitgenodigde groep dichters bekijkt valt er geen enkele lijn in de keuze te bekennen. De enige noemer voor de festivalorganisatie lijkt te zijn dat iemand een dichter is. ” 

Gerbrand Bakker:

“Altijd al vind ik het best moeilijk om antwoord te geven op vragen en de laatste tijd valt me op dat ik niet veel meer te zeggen heb.”

Gerbrand Bakker:

“De schnitzel die ik at in eetcafé De Appel – tevens gevestigd te Hengelo – was zeer lekker, de gebakken aardappeltjes ook. De witte wijn was goed en zelfs de dubbele espresso mocht er wezen en nóg bleef de rekening onder de 20 euro! Waar vind je dat nou nog? “

Dichter Bij De Bezige Bij

De schrijver klimt op een tafel,
maant tot stilte
en zegt:
‘ik ben de enige hier die van geen enkel belang is’

iedereen klapt en juicht hem toe,
voelt zich duizelig worden van geluk

iedereen ziet hoe de schrijver wankelt,
met plaatsvervangende nederigheid
door een lezer wordt opgevangen

en in een verloren hoekje wordt weggezet

het leven is een feest en moet verder

en iedereen fluistert in het oor
van iemand in zijn armen:
‘o, waren wij ook maar van geen enkel belang, jij en ik…’

Toon Tellegen, Schrijver en lezer
(met tekeningen van Boris Tellegen. Verschijnt op 6 mei.)

Meer gedichten in voorselectie op Athenaeum Boekhandel.

“In Herfstnacht, een van de indrukwekkendste gedichten uit de bundel, gebeurt bijna niets. Het begint te regenen, een regendruppel spat uit elkaar op de waslijn, een andere schampt de vuilnisbak en slaat te pletter op een tegel, weer een andere komt op het blad van een esdoorn terecht en zal ‘als het zover is’, tussen het gras verdwijnen, ‘op een andere plek dan waar/ straks het esdoornblad gaat landen’. Dit is sublieme vanitas-poëzie. Tien jaar geleden had ik niet kunnen vermoeden dat Martin Reints de J.C. Bloem van de 21ste eeuw zou worden.” Lees de bespreking van Piet Gerbrandy  op De Groene Amsterdammer.

“De enige Nederlandse dichter wiens werk me werkelijk uit het lood heeft geslagen, is Martin Reints. Hier was de wereld zoals die is, zonder de saus erover die literatuur heet, zonder de riedel die naar poëzie klinkt. De gedichten van Martin Reints zijn hypertoegankelijk, je hoeft er helemaal niet in te komen, je bent er meteen in. Het is geen Faverey of Van Dixhoorn, wier regels je langzaam verleiden. Het is er meteen, bij eerste lezing. En het is ook niet zomaar realisme. De gedichten waren ongeveer zo kaalgeslagen als de allereerste films van Wim Wenders. Er staat spanning op iedere regel.” Erik Lindner over dezelfde bundel eerder  in De Groene Amsterdammer.

“Wie van meet af geen goed oog had in dat huwelijk van Charles en Di, was Johan Anthierens. Van hem de vraag : ‘Waarom wordt een klein miljard mensen gemobiliseerd, omdat een Engelse jongen met lange neus en wapperende oren met een rozig lief rund van een meisje trouwt, niets meer dan dat?’

‘Engeland is een economisch kadaver,’ schreef Anthierens na het huwelijk. ‘ Men heeft dat geraamte met hermelijn omhangen en de voltallige Britse natie, heeft in kinderlijke opgetogenheid “o!” geroepen.’ En hij herinnerde aan de uitspraak van prins Philip, vader van Charles, over de werklozen. ‘Ik snap het niet meer, enkele jaren geleden drong iedereen aan op meer vrije tijd en nu ze alle tijd hebben, jammeren ze om werk.’” (Rik van Cauwelaert op Knack)

%d bloggers liken dit: